Biologische aardappelen telen, klinkt super simpel toch? Nou, het is niet altijd zo makkelijk als het lijkt. Veel beginnende tuiniers maken dezelfde fouten, waardoor de oogst tegenvalt. Zonde! Gelukkig zijn de meeste problemen te voorkomen met een beetje kennis. In dit artikel duiken we in de meest gemaakte blunders bij het telen van biologische aardappelen, van het kiezen van de juiste soort tot het bewaren van de oogst. Zo ga jij volgend jaar gegarandeerd voor een topoogst!
Key Takeaways
- Kies de juiste aardappelsoort voor het beoogde gerecht; bloemige rassen zijn ideaal voor puree.
- Geef aardappelplanten voldoende ruimte, pot ze op de juiste diepte en aard ze tijdig aan om groene, oneetbare knollen te voorkomen.
- Zorg voor consistente watergift, maar vermijd 'natte voeten'; bescherm je planten tegen ziekten en plagen met biologische middelen.
- Oogst aardappelen als de stengels zijn afgestorven en bewaar ze donker, koel en droog om spruiten en bederf tegen te gaan.
- Beperk voedselverlies door aardappelen met schil te koken, ze niet te klein te snijden en niet te lang in water te laten weken.
De Juiste Aardappel Kiezen

Het kiezen van de juiste aardappel voor je tuin is eigenlijk best belangrijk, zeker als je voor biologisch gaat. Je wilt natuurlijk wel dat ze goed groeien en lekker smaken. Het begint allemaal met het ras dat je kiest. Sommige aardappelen zijn perfect voor puree, terwijl andere juist weer beter zijn om te bakken of te frituren. Als je puree wilt maken, ga dan voor een bloemige aardappel. Die hebben meer zetmeel, waardoor je puree lekker luchtig wordt en niet zo'n kleffe massa. Een bekend voorbeeld hiervan is de Bintje, hoewel er tegenwoordig ook veel andere goede soorten zijn.
Denk na over het seizoen. Vroege aardappelen zijn er snel, maar bewaren vaak minder goed. Late rassen hebben meer tijd nodig, maar kun je langer bewaren en zijn vaak beter voor opslag.
Het is ook slim om te kijken naar de verschillende rassen die geschikt zijn voor elk seizoen. Zo heb je vroege aardappelen die je al vrij snel na het poten kunt oogsten, vaak al in juni of juli. Dan zijn er de halfvroege soorten, die iets langer nodig hebben, en de late rassen die je pas in de nazomer of herfst kunt verwachten. Door een mix te planten, kun je het hele seizoen van verse aardappelen genieten. Zorg er bij het kopen voor dat je gezonde pootaardappelen kiest, die stevig aanvoelen en geen beschadigingen hebben. Kijk bijvoorbeeld eens naar biologische pootaardappelen van goede kwaliteit.
Veelvoorkomende Fouten Bij Het Poten
Het poten van aardappelen lijkt misschien simpel, maar er zijn een paar valkuilen waar veel beginnende tuiniers intrappen. Een goede start is het halve werk, zeker als je straks wilt genieten van een flinke oogst. Laten we eens kijken naar de meest gemaakte fouten en hoe je die kunt voorkomen.
Onvoldoende Ruimte Tussen Planten
Een veelvoorkomende vergissing is om de aardappelplanten te dicht op elkaar te zetten. Aardappelen hebben ruimte nodig om te groeien, zowel boven als onder de grond. Als ze te dicht op elkaar staan, gaan de planten elkaar beconcurreren om licht, water en voedingsstoffen. Dit resulteert in zwakkere planten en uiteindelijk kleinere knollen. Houd minimaal 30-40 cm afstand tussen de planten in de rij en zorg voor ongeveer 70 cm tussen de rijen. Zo krijgen de planten de kans om zich volledig te ontwikkelen.
Verkeerde Plantdiepte
De diepte waarop je de aardappelen poot, is ook belangrijk. Poot je ze te ondiep, dan is de kans groter dat de knollen boven de grond komen te liggen en groen worden door blootstelling aan zonlicht. Groene aardappelen bevatten solanine, een giftige stof, dus die wil je absoluut vermijden. Te diep poten kan er weer voor zorgen dat de planten moeite hebben om boven te komen, wat de groei vertraagt. Een goede vuistregel is om de pootaardappelen ongeveer 5-10 cm diep te planten, afhankelijk van de grondsoort. In lichtere zandgrond mag het iets dieper dan in zware kleigrond.
Niet Tijdig Aanaarden
Aanaarden is een van de meest cruciale stappen bij het telen van aardappelen, en het wordt vaak vergeten of te laat gedaan. Aanaarden doe je door aarde op te hopen rond de stengels van de aardappelplant. Dit doe je meestal als de planten zo'n 15-20 cm hoog zijn, en herhaal je een paar keer tijdens het groeiseizoen. Waarom is dit zo belangrijk? Ten eerste beschermt het de jonge knollen tegen zonlicht, waardoor ze niet groen worden. Ten tweede stimuleert het de vorming van meer knollen aan de plant. Als je niet of te laat aanaardt, loop je het risico op groene, onbruikbare aardappelen en een kleinere opbrengst. Het is dus echt de moeite waard om hier tijd voor vrij te maken. Goed aanaarden helpt ook om de planten steviger te maken en beter bestand tegen wind.
Het correct poten en verzorgen van je aardappelen in de beginfase legt de basis voor een succesvolle oogst. Neem de tijd voor de juiste plantafstand, diepte en vergeet het belangrijke werk van het aanaarden niet.
Verzorging Van Biologische Aardappelplanten
Als je eenmaal je biologische aardappelen hebt gepoot, is het tijd voor het echte werk: de verzorging. Dit is waar veel beginnende tuiniers nog wel eens de mist in gaan, maar met een paar simpele aandachtspunten kom je al een heel eind. Het draait allemaal om de juiste balans en tijdig ingrijpen.
Optimale Watergift
Aardappelplanten hebben dorst, maar ze houden absoluut niet van 'natte voeten'. Dat betekent dat de grond constant een beetje vochtig moet zijn, maar niet drassig. Zeker tijdens droge periodes is het belangrijk om regelmatig water te geven. Op lichtere zandgrond zul je vaker water moeten geven dan op zwaardere kleigrond. Een goede vuistregel is om te kijken naar de plant zelf; als de bladeren een beetje gaan hangen, is het tijd voor een slok water. Voorkom dat de grond helemaal uitdroogt, want dat leidt tot kleinere knollen.
Belang Van Aanaarden
Aanaarden, oftewel het aanaarden van de planten, is echt een van de meest onderschatte stappen. Waarom doen we dit? Simpel: om te voorkomen dat de aardappelen groen worden. Groene plekken op aardappelen bevatten solanine, wat niet goed voor je is. Als de stengels zo'n 15 centimeter boven de grond uitkomen, schuif je voorzichtig wat aarde op tegen de stam. Herhaal dit na een paar weken, waarbij je de planten steeds iets hoger opbouwt. Dit zorgt ervoor dat de knollen goed bedekt blijven en geen zonlicht zien. Het helpt ook de plant steviger te staan en bevordert de groei van meer knollen. Als je bij het aanaarden wat extra kalium toevoegt, maak je de planten nog sterker.
Bescherming Tegen Plagen
Biologische aardappelen telen betekent ook dat je alert moet zijn op ongedierte en ziektes. De gevreesde coloradokever kan je oogst flink decimeren. Houd je planten goed in de gaten. Zie je zo'n kever of zijn oranje eitjes? Verwijder ze dan direct met de hand. Soms kan het nodig zijn om biologische bestrijdingsmiddelen te gebruiken, maar probeer dit zoveel mogelijk te beperken. Zorg ook voor voldoende luchtcirculatie rondom de planten; dit helpt schimmelziekten zoals de aardappelziekte (Phytophthora) te voorkomen. Vermijd dus te dicht op elkaar planten en zorg dat de bladeren niet te lang nat blijven na een regenbui of watergift.
Een gezonde plant is een plant die goed verzorgd wordt. Regelmatige inspectie en het tijdig aanpakken van problemen zijn de sleutel tot een succesvolle, biologische oogst. Denk aan de juiste plantdiepte voor een goede start.
Fouten Bij Het Oogsten En Bewaren
Het oogsten en bewaren van je biologische aardappelen vraagt net zoveel aandacht als het poten en verzorgen ervan. Een verkeerd moment van oogsten of een onjuiste bewaarmethode kan je zuurverdiende oogst flink bederven. Laten we eens kijken naar de meest gemaakte fouten op dit gebied.
Het Juiste Oogstmoment
Veel tuiniers wachten te lang met oogsten, of juist te kort. Het ideale moment is wanneer de bovengrondse delen van de aardappelplant, de stengels en bladeren, beginnen af te sterven en geel worden. Dit is een teken dat de knollen volgroeid zijn en klaar om gerooid te worden. Wacht echter niet te lang, want als de plant volledig verdord is, kunnen de aardappelen alsnog gaan rotten, zeker bij vochtig weer. Het is ook belangrijk om te oogsten voordat de eerste nachtvorst komt, want vorst kan de knollen beschadigen.
Beschadiging Tijdens Het Rooien
Bij het oogsten zelf gaat het vaak mis. Een scherpe spitvork of aardappelriek kan gemakkelijk door een aardappel heen prikken. Dit soort beschadigingen, hoe klein ook, verkorten de houdbaarheid aanzienlijk. De aardappelen worden dan vatbaarder voor ziektes en rot. Probeer de aardappelen voorzichtig los te woelen met een woelvork of met je handen, vooral als je in een pot of zak hebt geteeld. Schud de overtollige aarde er voorzichtig af en leg de aardappelen te drogen op een luchtige plek, maar vermijd direct zonlicht, want dat kan ze groen maken.
Bewaren Op De Juiste Temperatuur
De manier waarop je aardappelen bewaart, is net zo belangrijk. Een veelgemaakte fout is ze bewaren op een warme of lichte plek. Licht zorgt ervoor dat aardappelen gaan uitlopen en groen worden, wat betekent dat ze solanine aanmaken – een giftige stof. Warmte zorgt ervoor dat ze snel uitdrogen of gaan rotten. De ideale bewaarplek is donker, koel (tussen de 4 en 10 graden Celsius) en goed geventileerd. Denk aan een kelder, een koele schuur of een donkere kast. Bewaar ze niet in plastic zakken, maar liever in jute zakken, kratten of manden, zodat ze kunnen ademen. Zo kun je je biologische aardappelen tot in het voorjaar bewaren.
Bereidingsfouten Die Voedingsstoffen Verminderen

Het bereiden van biologische aardappelen kan soms een beetje een struikelblok zijn, vooral als je de voedingswaarde zo goed mogelijk wilt behouden. Veel mensen maken onbewust fouten die ervoor zorgen dat die gezonde vitamines en mineralen verloren gaan. Zonde, toch? Laten we eens kijken naar de meest voorkomende valkuilen.
Schillen van biologische aardappelen
Een van de grootste fouten die je kunt maken, is het schillen van je aardappelen. Echt waar, de meeste vitamines en mineralen zitten vlak onder de schil, of zelfs ín de schil. Denk aan vitamine C en allerlei andere goede stofjes. Die schil dient ook nog eens als een soort beschermlaagje tijdens het koken, waardoor er minder snel voedingsstoffen uitspoelen. Als je de schil echt niet lekker vindt, kun je hem er natuurlijk altijd na het koken afhalen. En als je je zorgen maakt over pesticiden, dan is biologisch natuurlijk de beste keuze, want dan hoef je je daar minder druk om te maken.
Wassen en snijden van aardappelen
Je aardappelen in een grote bak met water laten weken om ze schoon te maken, is echt geen goed idee. Zelfs na een paar minuten spoelen er al flink wat vitamines uit in het water. Als je aardappelen echt vies zijn, kun je ze beter eerst even afborstelen en daarna heel kort onder koud stromend water afspoelen. En dat snijden? Hoe kleiner je de aardappelen snijdt, hoe meer oppervlakte er is waaruit vitamines kunnen verdwijnen tijdens het koken. Dus, grote stukken zijn beter dan kleine blokjes als je de voedingsstoffen wilt sparen. Een aardappel in kleine blokjes snijden kan zomaar leiden tot 30 tot 50% meer vitamineverlies!
Koken met zout en water
Koken in water is sowieso al niet de beste methode om vitamines te behouden. Het versnelt de afbraak van vitamines en zorgt ervoor dat ze zich verspreiden. Als je aardappelen in water kookt, verlies je al snel zo'n 60% van de vitamine C en ongeveer 50% van de folaten. Stomen is echt een veel betere optie; daarbij verlies je maar zo'n 20 tot 30%. Hoe meer water je gebruikt en hoe langer je kookt, hoe meer vitamines er verloren gaan. En dat zout? Dat helpt ook niet echt mee om de vitamines te beschermen. Als je toch wilt koken, probeer dan zo min mogelijk water te gebruiken en het kookvocht eventueel te hergebruiken voor soep of saus. Een aardappel in de magnetron bereiden is ook een snelle manier om ze gaar te krijgen, en je kunt er een perfecte gebakken aardappel mee maken.
Het is dus echt belangrijk om stil te staan bij hoe je je aardappelen bereidt. Kleine aanpassingen kunnen al een groot verschil maken voor de hoeveelheid voedingsstoffen die je binnenkrijgt.
Tips Voor Een Geslaagde Oogst
Bodemstructuur En pH-waarde
Een goede oogst begint eigenlijk al bij de bodem. Zorg dat de grond lekker luchtig is, bijvoorbeeld door wat compost of goed verteerde mest door de aarde te mengen. Dit geeft de aardappelen de ruimte die ze nodig hebben om te groeien en zorgt voor de nodige voeding. De ideale pH-waarde voor aardappelen ligt tussen de 5,5 en 7. Als je grond te zuur is, kun je wat kalk toevoegen. Een simpele pH-meter kan je hierbij helpen om het goed te meten.
Onkruid Vrij Houden
Onkruid is echt een spelbreker voor je aardappelplanten. Het concurreert namelijk om water en voedingsstoffen, en dat wil je natuurlijk niet. Houd de plantplekken dus goed vrij van onkruid. Dit doe je het beste door regelmatig te schoffelen of het onkruid met de hand te verwijderen. Zo geef je je aardappelen de beste kans om te groeien en een mooie oogst te geven.
Bescherming Tegen Ziekten
Je wilt natuurlijk niet dat je hele oogst mislukt door ziektes of plagen. De coloradokever is zo'n plaag die je aardappelen flink kan aanvreten. Controleer je planten regelmatig, vooral de onderkant van de bladeren, en verwijder eventuele kevers of larven met de hand. Ook schimmelziekten zoals phytophthora kunnen roet in het eten gooien. Zorg voor voldoende luchtcirculatie rond de planten en vermijd dat het blad te lang nat blijft, bijvoorbeeld door niet te sproeien als de zon al laag staat. Als je toch problemen hebt, zijn er biologische bestrijdingsmiddelen beschikbaar om je te helpen. Een goede start met de Carolus aardappel kan al veel problemen voorkomen.
Klaar om te starten met biologische aardappelen?
Dus, we hebben gezien dat er best wat dingen mis kunnen gaan als je met biologische aardappelen aan de slag gaat. Van het verkeerde ras kiezen tot de manier waarop je ze bereidt, het maakt allemaal uit. Maar geen zorgen, met deze tips in je achterhoofd kom je al een heel eind. Vergeet niet dat die schil vol goeds zit en dat je aardappelen het beste behandelt met wat liefde en aandacht. Probeer het gewoon eens, experimenteer een beetje en voor je het weet, tover je de lekkerste biologische aardappelen op tafel. Eet smakelijk!
Veelgestelde Vragen
Welke aardappelsoort is het beste voor puree?
Kies voor bloemige aardappelen als je puree wilt maken. Die soorten hebben meer zetmeel, waardoor je puree lekker smeuïg wordt en niet zo'n plakkerige massa wordt. Zo voorkom je dat je puree te nat wordt.
Moet ik aardappelen schillen voor het koken?
Het is belangrijk om aardappelen met schil te koken. De schil bevat veel vitamines en beschermt de aardappel tijdens het koken, zodat er minder voedingsstoffen verloren gaan. Als je de schil echt niet lekker vindt, kun je die beter na het koken verwijderen.
Waarom moet ik gaatjes in aardappelen prikken voor het bakken?
Om te voorkomen dat aardappelen exploderen tijdens het bakken, is het handig om er een paar gaatjes in te prikken. Hierdoor kan de stoom ontsnappen. Dit helpt ook om de aardappelen gelijkmatiger gaar te krijgen en zorgt ervoor dat ze lekker knapperig worden.
Is het erg als aardappelen te lang in water liggen voor het koken?
Nee, aardappelen moeten niet te lang in het water liggen voordat je ze kookt. Zelfs een paar minuten weken kan al veel vitamines laten oplossen in het water. Borstel ze schoon en spoel ze alleen kort af onder koud water.
Wanneer kan ik het beste mijn aardappelen oogsten en hoe bewaar ik ze?
Het beste moment om aardappelen te oogsten is als de groene stengels boven de grond bruin en droog worden. Haal ze dan voorzichtig uit de grond, het liefst voordat het gaat vriezen. Bewaar ze daarna op een donkere, koele en droge plek.
Hoeveel ruimte moet ik geven aan aardappelplanten bij het poten?
Aardappelen hebben ruimte nodig om te groeien. Zet ze ongeveer 40 tot 60 centimeter uit elkaar en zorg dat er 60 tot 70 centimeter ruimte is tussen de rijen. Plant ze niet dieper dan 5 tot 10 centimeter.